Wilders college

thumb0001-1-jpg5c8f6c95-a319-4301-b3c8-c2b1555539c0original

Gisteren verzorgde Geert Wilders een lezing in de entourage van de rechtbank. De lezing mondde uit in een college over verkiezingsretoriek. De beklaagde legt uit dat wat er in verkiezingstijd wordt gezegd is ingegeven door wat je wil bereiken: stemmen trekken.

De politicus spreekt dus uit wat mensen denken, maar zelf misschien niet zeggen. Door dat te doen val je in de smaak. Dit impliceert dat wat er precies gezegd wordt met een korrel zout genomen moet worden. Het is immers verkiezingsretoriek:

onbezield gebruik van overspannen taal met clichés en bombast

en geen wetenschappelijke verhandeling waarbij een thema van alle kanten bekeken wordt om een afgewogen besluit te nemen.

De lezing zelf is op zich ook weer gebaseerd op dat beginsel: zoveel mogelijk bereiken door retoriek. “Dat is nu eenmaal het vak van de politicus”, zegt hij. Hij kan niet anders. Opnieuw zegt hij dingen die bijna niemand zo zou zeggen, bijvoorbeeld over de premier wiens optreden hij kwalificeert als laaghartig en vals. Hij zegt nog net niet dat hij in de gevangenis thuishoort. Misschien doet hij dat bij de volgende verkiezingsavond.

Wie dit vak beheerst en een opvallende haardos verzint gooit hoge ogen bij verkiezingen.

De lezing is zeer geschikt als lesmateriaal voor studenten politicologie en iedereen die iets wil begrijpen van het hedendaagse politieke discours.

Geef een reactie