Nieuwe kansen

Gisteren is het contract getekend om de Amsterdamse Zuidas om te bouwen. De A10 gaat ondergronds en wordt 12-baans, spoorwegen en metrolijnen uitgebreid, een vernieuwd station en dat alles zo duurzaam als maar kan. Iedereen denkt ‘als dat maar goed gaat’, met vers in het geheugen de ervaringen met het project Noord-Zuidlijn dat nog steeds niet af is.

Is dat een groot risico? Ja en nee. Enkele parallellen met de Noord-Zuidlijn zijn de volgende.

  • lange looptijd, leidt tot verhoogd risico bij overdracht als spelers wisselen;
  • meerdere technische innovaties naast elkaar;
  • een groot aantal betrokken partijen: verantwoordelijkheidsverdeling en duidelijkheid over rollen vraagt continu aandacht;
  • onduidelijkheid over het doel: er wordt van alles door elkaar genoemd.

Maar ook een aantal belangrijke verschillen:

  • er is nu wel 1 hoofdaannemer;
  • er is nu wel samenwerking van gemeente met de rijksoverheid;
  • het risico is niet bij alleen de gemeente neergelegd;
  • er wel veel ervaring in huis met grote projecten;
  • er is nu wel aandacht voor de communicatie en participatie met de omgeving;
  • het gaat om 1 locatie waar alles gebeurt.

De risicoparagraaf is dus een stuk minder gevuld dan bij het project Noord-Zuidlijn. Dat maakt dat dit project weliswaar omvangrijk, maar toch een stuk minder complex is. Niettemin zijn de risico’s niet te onderschatten.

Het is van doorslaggevend belang dat niet alleen bij de start van het project op alle punten duidelijk heerst, maar vooral ook elke dag daarna. Daarbij zie ik als grootste risico de lange duur van het project en de samenwerking met de (vele) partners die op dit punt niet een geweldig gemeenschappelijk verleden hebben.

En we zien weer een paradox verschijnen. Hoewel het steeds minder noodzakelijk is om op dezelfde plek te zijn voor je werk, neemt de concentratie ervan juist toe.

 

 

 

Geef een reactie